Begeleiden van jongeren en (jong)volwassenen
op weg naar een zelfstandig bestaan ...

Verslaving bij verstandelijk beperkte jongeren onderbelicht

Verbrokkeling

In de praktijk blijkt het lastig deze jongeren te helpen om van hun verslaving af te komen. Ten eerste omdat er nog weinig bruikbare methodieken zijn. Van Duijvenbode: ‘De huidige methodieken bestaan bijvoorbeeld uit vragenlijsten. Deze gaan er echter vanuit dat de ondervraagde normaal begaafd is. Dat betekent dat de vragen voor mensen met een LVB soms te lange zinnen en te lastige woorden bevatten. Ze gaan soms ook uit van kennis die jongeren met een LVB niet hebben. Maar pas je deze aan, dan verander je de methodiek en kan het zijn dat je geen betrouwbare antwoorden krijgt.’ Inmiddels zijn er wel methodieken aangepast aan mensen met een LVB, zoals leefstijltraining en cognitieve gedragstherapie. Deze vereisen echter een samenwerking tussen specialisten in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking en specialisten in de verslavingszorg. In de praktijk is deze samenwerking echter nog geen vanzelfsprekendheid. Van Duivenbode: ‘Door de verbrokkeling in de zorg komen de verschillende terreinen niet samen. In het geval van dubbele problematiek loopt dat nu nog spaak. Mensen krijgen daardoor niet de zorg die ze nodig hebben. Zo neemt de verslavingsproblematiek toe en de kans op positieve afloop af.’

Signalen

Meer onderzoek naar verslaving onder mensen met een verstandelijke beperking en de mogelijkheden om hen te behandelen is nodig. Pluryn is in samenwerking met Trimbos Instituut daarom onder meer gestart met de ontwikkeling van het preventieprogramma Take it Personal!. Ook andere wetenschappers ontwikkelen programma´s zoals Sterker dan je kick. Zelf heeft Van Duijvenbode onderzoek gedaan naar hoe verslavingsproblematiek werkt in de hersenen van mensen met een verstandelijke beperking. Maar in de tussentijd kan de zorg niet stilstaan. Dus wat kunnen hulpverleners nu al doen om mensen met een verstandelijke beperking die mogelijk een verslaving hebben te helpen? ‘Let goed op de signalen die een cliënt geeft. Ken je je cliënt al langer en merk je verandering in zijn of haar gedrag? Dan kan dat duiden op de ontwikkeling van een verslaving. Veranderingen die daarop kunnen wijzen zijn bijvoorbeeld een verandering in voorkomen of in lichamelijk of psychisch functioneren. Ook het krijgen van andere vrienden en het plotseling niet meer kunnen uitkomen met geld kunnen duiden op de ontwikkeling van een verslaving. Wanneer een cliënt nieuw is, is het natuurlijk lastig om veranderingen te zien omdat je hem of haar nog niet goed kent. Ga in dat geval eens op een laagdrempelige manier het gesprek aan over drugs en alcohol.’ Van Duijvenbode beseft dat dit onderwerp niet altijd even gemakkelijk is om te bespreken. ‘Hulpverleners willen dat cliënten zo goed en zo fijn mogelijk kunnen leven en zoveel mogelijk de regie over hun eigen leven behouden. Aan de andere kan willen ze de cliënt beschermen. Dit levert soms een lastig spanningsveld op. Maar maak het onderwerp in elk geval wel bespreekbaar. Want middelengebruik verergert bestaande gedragsproblemen, psychische stoornissen, angstgevoelens en depressies. Het kan agressief gedrag stimuleren en heeft een negatieve invloed op de werkzaamheid van voorgeschreven medicijnen.’

Sophie van Hogendorp

 

Dude, right on there brreoth.

De Windroos  |  Begeleiden van jongeren en (jong)volwassenen op weg naar een zelfstandig bestaan
©2017 De Windroos    |     Privacy    |     Disclaimer    |     Webdesign: Webton.nl